Geloofsdoop, twee woorden, geloof en doop, komen in dit woord samen. Deze twee zijn ook onlosmakelijk aan elkaar verbonden. Het is onmogelijk om zonder geloof iets van de kracht en betekenis van de onderdompeling te ervaren of begrijpen. Onderdompeling, dat is wat er bedoeld wordt met het Bijbelse woord voor “doop”. Het Griekse woord voor doop is: “bap’tizo”, wat letterlijk onderdompelen betekent. Vele mensen uit de Nederlands christelijke traditie zijn als baby gedoopt, zo wordt gesteld. Deze doop, die geen onderdompeling, maar een besprenkeling is, werd in de loop van de christelijke traditie gebruikt om kinderen van gelovige ouders, binnen het verbond te voegen. Hiermee kreeg de “doop” een grotere waarde dan het geloof, wat nog heden ten dage doorklinkt in de gedachten van de meeste Nederlanders. “Ik geloof niet meer, maar ben wel gedoopt, dus het komt wel goed met mij…” zo klinkt het, als een willekeurige Nederlander op straat wordt aangesproken over het geloofsleven. De doop die aanvankelijk het persoonlijk geloof in Jezus Christus dient te bevestigen, is nu voor veel Nederlanders hun ticket naar de hemel geworden. Aan de hand van de Bijbel wil ik onderbouwen dat de onderdompeling pas mag geschieden nadat men tot geloof gekomen is. (lezen Handelingen 8:36-38.)

“En terwijl zij onderweg waren, kwamen zij bij een water. En de kamerheer zei: Kijk, daar is water; wat verhindert mij gedoopt te worden? En Filippus zei: Als u met heel uw hart gelooft, is het geoorloofd. En hij antwoordde en zei: Ik geloof dat Jezus Christus de Zoon van God is. En hij liet de wagen stilhouden, en zij daalden beiden af in het water, zowel Filippus als de kamerheer, en hij doopte hem.”

De Bijbel is hier overduidelijk dat geloof, en dan wel te verstaan, geloof vanuit het hart, noodzakelijk is voordat men mag overgaan tot de onderdompeling. Met het hart geloven is, vanuit het diepste van je wezen erkennen dat je de Heer Jezus nodig hebt voor de vergeving van je zonden en de redding van je ziel. Dit noemt de Bijbel ook wel bekering. De eerste geloofdaad van een mens is de bekering, de tweede de onderdompeling. (lezen Handelingen 2:38-41)

“En Petrus zei tegen hen: Bekeer u en laat ieder van u gedoopt worden in de Naam van Jezus Christus, tot vergeving van de zonden; en u zult de gave van de Heilige Geest ontvangen. Want voor u is de belofte en voor uw kinderen en voor allen die veraf zijn, zovelen als de Heere, onze God, ertoe roepen zal. En met veel meer andere woorden legde hij getuigenis af en spoorde hij hen aan met de woorden: Laat u behouden uit dit verkeerde geslacht! Zij nu die zijn woord met vreugde aannamen, werden gedoopt; en ongeveer drieduizend zielen werden er op die dag aan hen toegevoegd.”

Deze boodschap is een blijde boodschap. Neem met vreugde aan wat de Heere God van je vraagt. Laat je na je bekering zo snel mogelijk onderdompelen. Graag wil ik met je kijken naar de doop van de Heer Jezus. In 1 Petrus 2:21 staat dat de Heer Jezus in alle dingen voor ons tot voorbeeld is geweest, zonder te zondigen, en dat wij in Zijn voetsporen dienen te treden. Als de Heer Jezus ondergedompeld werd, wie zijn wij dan dat wij Hem zouden tegenspreken (Rom. 9:20). (lezen Mattheus 3:13-17)

“Toen kwam Jezus van Galilea naar de Jordaan, naar Johannes, om door hem gedoopt te worden. Maar Johannes wilde Hem hiervan weerhouden en zei: Ik heb het nodig door U gedoopt te worden, en komt U naar mij? Maar Jezus antwoordde hem en zei: Laat het nu gebeuren, want op deze wijze past het ons alle gerechtigheid te vervullen. Toen liet hij het Hem toe. En nadat Jezus gedoopt (ondergedompeld) was, kwam Hij meteen op uit het water; en zie, de hemelen werden voor Hem geopend, en Hij zag de Geest van God als een duif neerdalen en op Zich komen. En zie, een stem uit de hemelen zei: Dit is Mijn geliefde Zoon, in Wie Ik Mijn welbehagen heb!”

De Heer Jezus noemt de onderdompeling een manier om de gerechtigheid van God te vervullen. Het woord gerechtigheid wat hier geschreven staat, is niets anders dan doen wat recht (noodzakelijk) is om gedaan te worden voor God. Het gaat om het vervullen (doen) van de wil van God. Het is dus absoluut van groot belang dat gelovigen die tot het inzicht zijn gekomen om gedoopt te worden, zich ook laten dopen, om zo de wil van God te doen. Hier zien we dat de onderdompeling een opdracht is, naar de wil van God.

Wat is de doop nog meer? De Bijbel spreekt over de doop als symbool van het sterven en opstaan met de Heer Jezus. (lezen Romeinen 6:3-5)

“Of weet u niet dat wij allen die in Christus Jezus gedoopt zijn, in Zijn dood gedoopt zijn? Wij zijn dan met Hem begraven door de doop in de dood, opdat evenals Christus uit de doden is opgewekt tot de heerlijkheid van de Vader, zo ook wij in een nieuw leven zouden wandelen. Want als wij met Hem één plant zijn geworden, gelijkgemaakt aan Hem in Zijn dood, dan zullen wij ook aan Hem gelijk zijn in Zijn opstanding.”

De doop is niet alleen een opdracht, maar ook een symbool van de werkelijkheid die plaatsvond bij de wedergeboorte, na je bekering. Wedergeboorte houdt in, dat je oude natuur (degene die je was zonder God) sterft en dat de nieuwe natuur (degene die je bent in God) tot leven komt. De onderdompeling is een bevestiging van datgene wat geestelijk al heeft plaatsgevonden. Sommige gelovigen stellen dat het niet noodzakelijk is om ondergedompeld te worden, omdat het slechts een symboliek is. Dit is gedeeltelijk waar. De onderdompeling op zich kan geen mens in Gods nabijheid brengen, maar de ongehoorzaamheid aan Gods wil (wat zonde; wetteloosheid is) kan de mens wel van God gescheiden houden.

Naast het feit dat de doop symbool staat voor het sterven en opstaan met de Heer Jezus, staat het ook symbool voor het bekleed worden met de gerechtigheid van God.

Lezen. Als eerste Galaten 3:27. “Want u allen die in Christus gedoopt bent, hebt zich met Christus bekleed.”
Jesaja 61:10 “Ik ben zeer vrolijk in de HEERE, mijn ziel verheugt zich in mijn God, want Hij heeft mij bekleed met de klederen van het heil, de mantel van gerechtigheid heeft Hij mij omgedaan.”

Wanneer wij de gerechtigheid van God zullen vervullen (ons laten onderdompelen) net als de Heer Jezus, dan wordt bij ons, geestelijk gezien, de mantel van de gerechtigheid omgedaan. Wij bekleden ons door de doop, met de Heer Jezus. Dit heeft als gevolg dat wij zeer vrolijk in de Heere zullen zijn en dat onze ziel zich zal verheugen in God. Daarom noemen wij de onderdompeling ook altijd een doopfeest! Dit wil ik verder toelichten na de samenvatting, want aan de onderdompeling zit ook nog een heerlijke belofte verbonden.

Samenvatting:

De doop laat uiterlijk zien wat er innerlijk is gebeurd in de gelovige:

  • Afwassing: zonden zijn afgewassen (kletsnat door water, wassen doe je niet met besprenging van een paar druppels)
  • Begrafenis: oude mens met al zijn zondige praktijken is weg, begraven: (onderwater kun je niet ademen – als je besprengd wordt kun je gewoon door blijven ademen, maar een dode kan niet meer ademen: voor God is de oude mens definitief dood)
  • Opstanding: dopeling komt als herboren uit het watergraf: de springlevende nieuwe mens kan nu ademhalen in de sfeer van Christus.
  • Dopeling: mag en kan elke aanklacht over zijn zondige verleden weerstaan, zijn geweten is geheel bevrijd:  1 Petrus 3:21  “Het tegenbeeld daarvan, de doop, behoudt nu ook ons. Maar niet als een verwijderen van het vuil van het lichaam, maar als vraag aan God van een goed geweten, door de opstanding van Jezus Christus.”

Lezen Handelingen 2:38 “En Petrus zei tegen hen: Bekeer u en laat ieder van u gedoopt worden in de Naam van Jezus Christus, tot vergeving van de zonden; en u zult de gave van de Heilige Geest ontvangen.

Als we ons na onze bekering laten onderdompelen, dan belooft de Heere God dat we de gave van de Heilige Geest zullen ontvangen. Het is van groot belang dat we weten welke gave hier bedoelt wordt. De Heer Jezus spreekt hierover in Handelingen 1:8. “… maar u zult de kracht van de Heilige Geest ontvangen, Die over u komen zal; en u zult Mijn getuigen zijn, zowel in Jeruzalem als in heel Judea en Samaria en tot aan het uiterste van de aarde.”

En ook in Lukas 24:49  “En zie, Ik zend de belofte van Mijn Vader op u; maar blijft u in de stad Jeruzalem, totdat u met kracht uit de hoogte bekleed zult worden.”

De gave van de Heilige Geest waar Petrus hier over spreekt, is de kracht van de Heilige Geest om een getuige (Grieks – martelaar) van de Heer Jezus te zijn. De gave, het geschenk, is dus de kracht van de Heilige Geest. Kracht om te getuigen in woord en daad. Kracht om te spreken, om te dienen, om wonderen te verrichten, om het Koninkrijk van God zichtbaar te laten worden door ons leven. De Bijbel noemt dit ook wel (1) de doop in de Heilige Geest of (2) de vervulling met de Heilige Geest. Jij komt (1) in de Geest en (2) de kracht van de Geest komt in en op jou.

De dopeling heeft de Heilige Geest wel ontvangen, maar is nog niet toegerust en bekrachtigd met en door de Heilige Geest. Door het geloof wordt de zondaar wederom geboren en ontvangt de gelovige ook de Heilige Geest die in hem komt wonen, maar hij is daardoor niet direct bekrachtigd met de gave van de Heilige Geest, die plaatsvindt door de doop in de Heilige Geest. Laten we de volgende gedeelten lezen, zodat we zien dat de inwoning van de Heilige Geest plaatsvindt bij de wedergeboorte. We lezen in Galaten 3:2 het volgende:

Dit alleen wil ik van u vernemen: Hebt u de Geest ontvangen uit de werken van de wet, of uit de prediking van het geloof?

En in 1 Korinte 12:3 Daarom maak ik u bekend dat niemand die door de Geest van God spreekt, zegt: Jezus is een vervloekte. Ook kan niemand zeggen: Jezus is Heere, dan door de Heilige Geest.

Laten we lezen wat er gebeurde bij de eerste discipelen toen zijn gedoopt/vervuld werden met de kracht van de Heilige Geest in Handelingen 2:1-11.

“En toen de dag van het Pinkster feest vervuld werd, waren zij allen eensgezind bijeen. En plotseling kwam er uit de hemel een geluid als van een geweldige windvlaag en dat vervulde heel het huis waar zij zaten. En aan hen werden tongen als van vuur gezien, die zich verdeelden, en het zat op ieder van hen. En zij werden allen vervuld met de Heilige Geest en begonnen te spreken in andere talen, zoals de Geest hun gaf uit te spreken. Nu woonden er Joden in Jeruzalem, godvrezende mannen uit alle volken die er onder de hemel zijn. Toen dan dit geluid klonk, kwam de menigte samen en raakte in verwarring, want ieder hoorde hen in zijn eigen taal spreken. En zij waren allen buiten zichzelf en verwonderden zich, en zij zeiden tegen elkaar: Zie, zijn het niet allen Galileeërs die daar spreken? En hoe kunnen wij hen dan horen, eenieder in onze eigen taal, waarin wij geboren zijn? Parthen, Meden en Elamieten en zij die inwoners zijn van Mesopotamië, Judea, Cappadocië, Pontus en Asia, Frygië, Pamfylië, Egypte, en de streken van Libië, dat bij Cyrene ligt, alsook de nu hier verblijvende Romeinen, zowel Joden als proselieten, Kretenzen en Arabieren, wij horen hen in onze taal over de grote werken van God spreken.”

En in Handelingen 3:2-8 en Handelingen 4:8-10

“En een man die vanaf de moederschoot kreupel was, werd daarheen gedragen. Men zette hem dagelijks bij de tempelpoort die de Schone genoemd wordt, om een liefdegave te vragen aan hen die de tempel binnengingen. Toen hij Petrus en Johannes zag op het moment dat zij de tempel zouden binnengaan, vroeg hij of hij een liefdegave mocht ontvangen. En Petrus keek hem met Johannes doordringend aan en zei: Kijk ons aan! En hij hield de ogen op hen gericht, omdat hij verwachtte iets van hen te ontvangen. Petrus zei echter: Zilver en goud heb ik niet, maar wat ik heb, dat geef ik u: in de Naam van Jezus Christus de Nazarener, sta op en ga lopen! En hij greep hem bij de rechterhand en richtte hem op, en onmiddellijk werden zijn voeten en enkels vast. En met een sprong stond hij overeind en liep rond, en hij ging met hen de tempel in, lopend en springend en God lovend.”

“Toen zei Petrus, vervuld met de Heilige Geest, tegen hen: Leiders van het volk en oudsten van Israël! Wanneer wij vandaag ondervraagd worden over de weldaad aan een zieke man bewezen, waardoor hij gezond geworden is, laat het dan bij u allen en bij heel het volk Israël bekend zijn dat door de Naam van Jezus Christus, de Nazarener, Die u gekruisigd hebt maar Die God uit de doden opgewekt heeft, dat door Hem deze man hier gezond voor u staat.”

Petrus die een gelovige volgeling van de Heer Jezus was, had grote moeite om te getuigen van de Heer Jezus voordat hij gedoopt werd in de Heilige Geest. Sterker nog, toen het erop aan kwam, verloochende hij de Heer Jezus, vlak voordat Deze ging sterven. Na de doop in de Heilige Geest had Petrus geen schroom meer en predikte hij de bekering tot Jezus Christus.

Wanneer de kracht van de Heilige Geest in de gelovige komt, dan zal hij een krachtige getuige gaan worden van de gekruisigde en opgestane Heer Jezus in woorden en daden. Het ontvangen van de kracht van de Heilige Geest kan doordat de kracht van de Heilige Geest plotsklaps neerdaalt in een vertrek (Hand. 2:1-4 | Hand. 4:31) of door handoplegging door Geestvervulde gelovigen. Laten we lezen Handelingen 8:14-17.

“Toen de apostelen die in Jeruzalem waren, hoorden dat Samaria het Woord van God aangenomen had, stuurden zij Petrus en Johannes naar hen toe, en toen die aangekomen waren, baden zij voor hen dat zij de Heilige Geest mochten ontvangen. Want Hij was nog op niemand van hen gevallen, maar zij waren alleen gedoopt in de Naam van de Heere Jezus. Toen legden zij hun de handen op en zij ontvingen de Heilige Geest.”

Nadat wij ondergedompeld worden in water, is het van belang dat door Geestvervulde gelovigen de handen worden opgelegd op de dopelingen, zodat ook zij de kracht van de Heilige Geest zullen ontvangen. Wanneer de handen zijn opgelegd is het mogelijk dat je in nieuwe tongen gaat spreken, maar dit is niet noodzakelijk. Wel zal je gaan ervaren dat je kracht ontvangen hebt om vrijmoedig te getuigen (in woord en daad) van de Heer Jezus.

Als laatste wil ik deze woorden van de Heer Jezus delen uit Markus 16:15-20.

“En Hij zei tegen hen: Ga heen in heel de wereld, predik het Evangelie aan alle schepselen. Wie geloofd zal hebben en gedoopt zal zijn, zal zalig worden, maar wie niet geloofd zal hebben, zal verdoemd worden. En hen die geloofd zullen hebben, zullen deze tekenen volgen: in Mijn Naam zullen zij demonen uitdrijven; in vreemde talen zullen zij spreken; slangen zullen zij oppakken; en als zij iets dodelijks zullen drinken, zal het hen beslist niet schaden; op zieken zullen zij de handen leggen en zij zullen gezond worden. De Heere dan is, nadat Hij tot hen gesproken had, opgenomen in de hemel en heeft Zich gezet aan de rechter hand van God, maar zij gingen overal heen om te prediken, en de Heere werkte mee en bevestigde het Woord door de tekenen die erop volgden.”

Laat je spoedig onderdompelen en je zal de gave van de Heilige Geest ontvangen!

Print Friendly, PDF & Email